Arbeidsmigranten en ‘eigen volk eerst’

30 april 2026

Er wordt veel gezegd en geschreven over de huisvesting van arbeidsmigranten deze dagen. Een amendement dat de nodige aandacht krijgt en krantenartikelen die op zijn minst wat tendentieus van aard zijn. Wie echter van enige afstand kijkt ziet ook wat anders. In een uitgebreid artikel onze visie op deze dingen.

Huisvesting van arbeidsmigranten
De recente discussie begon bij het vernieuwde gemeentelijke beleidsplan voor arbeidsmigranten, getiteld ‘Grip krijgen’, dat in de gemeenteraad is besproken. Dat doel delen we allemaal, meer grip op (de huisvesting van) arbeidsmigranten. Op ons eiland werken er veel. Schattingen lopen op tot zo’n 1.100 mensen. Zij zijn vooral actief bij lokale bedrijven, in de landbouw, glastuinbouw en bouw. Een deel van hen woont echter op plekken waar dat niet wenselijk is, zoals in woonwijken of op vakantieparken die daar niet voor bedoeld zijn.

Al in 2021 stelde de gemeente beleid vast om dit aan te pakken. Het uitgangspunt was de realisatie van enkele grootschalige huisvestingslocaties (150 tot 250 personen) om illegale bewoning terug te dringen. In de praktijk bleek dit lastig. De gemeente zocht locaties in het buitengebied, maar de provincie wees die voorstellen af omdat zij juist dicht bij de woonkernen huisvesting wil. Meerdere plannen strandden om die reden.

Na vijf jaar is uiteindelijk één locatie in Middelharnis gerealiseerd. Daarnaast is er een vergund initiatief in Melissant, al is de bouw daar nog niet gestart. Eventuele juridische procedures kunnen bovendien opnieuw tot aanzienlijke vertraging leiden.

Het amendement
Het nieuwe beleidsplan bevat vijf sporen om meer inzicht te krijgen in aantallen arbeidsmigranten, hun huisvesting, de handhaving daarop en bijbehorende heffingen, zoals toeristenbelasting. Dit zijn zinvolle maatregelen die kunnen helpen om misstanden effectiever aan te pakken en dus meer grip te krijgen. Samenwerking met werkgevers en huisvesters staat daarbij centraal.

Toch dienden CDA en TOG, gesteund door de CU, een amendement in dat bepaalt dat de gemeente geen nieuwe centrale huisvestingslocaties mag ontwikkelen zolang woningen in de kernen niet eerst beschikbaar komen voor eigen inwoners. Dat klinkt sympathiek, maar bij nadere beschouwing wringt het.

Effectieve handhaving op illegale bewoning is alleen mogelijk als er voldoende alternatieve huisvesting beschikbaar is. Met ongeveer 1.100 arbeidsmigranten en pas 200 gerealiseerde plekken, is dat nu niet het geval. Bovendien weten we dat het ontwikkelen van nieuwe locaties jaren kan duren, mede door provinciale beperkingen.

Het amendement leidt daarmee tot een patstelling: de gemeente moet handhaven, maar kan dat niet goed zolang er geen alternatieven zijn. Tegelijkertijd mogen die alternatieven niet worden ontwikkeld. Zo komt het beleid feitelijk stil te liggen.

‘Eigen volk eerst’
In discussies over arbeidsmigranten – net als bij statushouders of asielzoekers – klinkt vaak de vraag: “En onze starters dan?” Dat is begrijpelijk in tijden van woningnood. Toch helpt het niet om groepen tegen elkaar uit te spelen.

Er moeten woningen komen voor jongeren (en ouderen en andere doelgroepen), maar tegelijk moeten we ook oplossingen bieden voor arbeidsmigranten en voldoen aan onze wettelijke taken. Dat vraagt om parallel beleid, niet om uitstel van het één ten gunste van het ander.

Op ons eiland zijn volop woningbouwplannen. Waar we 2.500 woningen mogen bouwen, staan er meer dan 4.000 in ons programma. Nieuwe projecten bevatten gemiddeld 30% betaalbare koop en 30% sociale huur. Door goede afspraken met ontwikkelaars lukt het ook nog eens om tot wel 80% aan eigen inwoners toe te wijzen.

De uitvoering is echter complex, want ook voor woningbouw hebben we te maken met een provinciebestuur (BBB, GL-PvdA, VVD en CDA) die woningbouw aan de randen van kernen niet tot nauwelijks toestaat. Voor elke woningbouwlocatie moet ‘gestreden’ worden. Daarbij maken netcongestie, juridische procedures en lange doorlooptijden bij de Raad van State snelle bouw lastig.

Desondanks wordt er volop gebouwd, er zijn bijvoorbeeld plannen opgeleverd in Melissant en in Nieuwe-Tonge. Er wordt binnenkort gebouwd in Dirksland en Oude-Tonge, plannen liggen op stapel voor Goedereede, Ooltgensplaat, Stellendam enz. Daarvoor is geen nieuw beleid nodig, maar voortvarende uitvoering van alles wat al op de plank ligt.

En die starter die hoopt op een klushuis omdat arbeidsmigranten in zijn dorpskern verhuizen naar een centrale locatie? Die zal voorlopig inderdaad nog even geduld moeten hebben.