SGP geeft politieke gastles op Prins Mauritsschool Dirksland

SGP geeft politieke gastles op Prins Mauritsschool Dirksland

Namens de SGP-Jongeren gaven Niek Bakker, beleidsadviseur bij de SGP-Jongeren, en Marco in ’t Veld, voorzitter van de SGP-Jongeren Flakkee, een gastles aan groep acht van de Prins Mauritsschool in Dirksland. Onder de titel ‘Regeren doe je zo!’ besprak hij onder andere de taak van de gemeenteraad, werd er gediscussieerd over de zondagsrust en werd er stilgestaan bij de christenvervolging in Nigeria.

Nederland is een democratie. Dat betekent dat het volk uiteindelijk beslist wat er in een land moet gebeuren. Maar, hoe gebeurt dat eigenlijk? De gemeente Goeree-Overflakkee wonen ruim 48.000 mensen. Een directe democratie is dan niet goed mogelijk. Aan de leerlingen van groep acht werd uitgelegd dat mensen daarom niet zélf over alles beslissen. Nee, elke vier jaar kiezen de mensen een paar mensen uit die dat voor vier jaar mogen doen. De gekozen mensen zijn lid van een bepaalde partij en zitten bij elkaar in de gemeenteraad.

In die gemeenteraad discussiëren de leden van de verschillende partijen met elkaar over de plannen van de wethouders. Ook op de Prins Mauritsschool werd flink gediscussieerd: “Wat vind jij? Mogen de winkels op zondag open of niet?” “Nee”, zegt de één, “je moet de zondag als rustdag houden.” En: “Je kunt toch niet altijd werken?” “Ja”, zegt een ander, “maar op vakantie in Frankrijk zijn de winkels wel open. Daar kun je je vergeten boodschappen tenminste op zondag nog halen.” “Inderdaad”, vervolgt een derde, “in een vrij land moet je toch op zondag kunnen winkelen?”

Vervolgens werd uitgelegd waar de SGP, de grootste partij van de gemeenteraad van Goeree-Overflakkee, voor staat: een groep mensen die probeert de staat te besturen op grond van christelijke beginselen (van de reformatie). Die groep mensen is actief in de gemeente, maar ook in de landelijke en internationale politiek. De leerlingen zagen hoe Kees van der Staaij in gesprek was met door terroristen beschoten christenen in Nigeria. Daarna schreven de leerlingen (in het Engels) een bemoediging op verschillende kaartjes die verspreid zullen worden in Nigeria. Ook werd afgesproken voor deze mensen te bidden. Het gebed is immers machtiger dan welk politiek wapen dan ook.